Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft getoond, hoe er ons geen andere toevlugt in onze strijd overblijft, dan de Heer onze God. De wet verdrukt ons, het Parlement blijft doof voor onze klachten' en op eene vergadering van het ontwikkeld publiek, zoo als te Utrecht samenkwam, weigert men ons zelfs den billijksten eisch, en wil van een beroep op gewetensvrijheid niet hooren.

Wie onzer, dien het niet smart! Wie, die niet met een gevoel van weemoed een vergadering verliet, waar de geest van ons ontwikkeld publiek zich zoo onheilig uitsprak. Wien kost het niet, huiswaarts te moeten keeren, als de slagorden geformeerd worden in een strijd, waarin hij zoo mee wilde strijden met heel zijn hart.

Maar ook de strijdlust tegen een maatschappelijk kwaad mag ons niet verleiden mee te gaan, als men onze conscientiën geweld aandoet. Dan wijst onze overste Leidsman ons den weg, als Hij uitgaat uit Zijn volk. Dan willen we geen onwaardige zonen der Hervorming zijn, maar geesteskinderen van den grooten Luther, wiens n Ik kan niet anders, God helpe mij" het wachtwoord onzes levens is. Dan moeten we doen wat onze vaders deden, en de gewetensvrijheid als het hoogste goed, zelfs ten prijs van onze philantropie niet in de waagschaalstellen. En daarom we zijn uitgegaan; want we konden niet blijven. Ons geweten drong ons weg.

n.

De N. Rotterdammer, de Arnhemsche en Rotter damsche Courant, hebben zich over onze houding op het Schoolverbond uitgelaten op eene wijze, die een afzonder-

Sluiten