Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wensch der Indische bevolkingen tot medezeggingschap over hun eigen lot.

Dit noopte eenerzijds tot decentralisatie van het centraal bestuur, anderzijds tot het voorbereiden van eene zekere mate van autonomie.

Dit dubbele karakter der noodzakelijke hervormingen is niet altijd voldoende in het oog gehouden. In de in Januari 1913 aan den Heer De Graaff gegeven regeeringsopdracht tot voorbereiding eener reorganisatie van het bestuurswezen, werd tusschen deze verschillende desiderata, en de verschillende wijzen, waarop aan die desiderata móest worden tegemoet gekomen, zóó weinig onderscheid gemaakt, en de voor de lagere ressorten gewenschte autonomie, zoowel als het te verleenen zelfbestuur beide zóózeer gedacht Als gelijksoortige middelen ter doorvoering van de decentralisatie van het centraal bestuur, dat de RegeeringscommiSSaris genoopt was, zijn rapport aan te vangen met eene onderscheidirig van den inhoud van beide termen.

Inderdaad is deze onderscheiding van de tweeledigheid van den wortel dezer politieke hervormingen zeer noodzakelijk, omdat de verleening van zelfbestuur en de verleening van autonomie in zekeren zin de consequenties zijn van tegenovergestelde staatsrechtelijke ontwikkelingen. '

Wórdt aan een kolonie zelfbestuur verleend, dan beteekent dit niets meer dan dat de heerschende autocratie de uitvoering van de van bovenaf gestelde regelen voortaan overlaat aan de onderdanen; m. a. w. de daartoe geschapen organen van zelfbestuur blijven principieel nog altijd organen der centrale autocratie.

Dit geldt ook voor Indië.

Door de economische ontwikkeling van de Indische eilanden, door den opbloei van cultures, mijnbouw, verkeerswezen, was het apparaat van de Centrale Regeering niet meer voldoende, om aan de stijgende bestuursbehoeften te voldoen.

Het voor de hand liggend middel, om hierin verbetering te verschaffen, lag in meerdere decentralisatie van het centrale bestuur. Decentralisatie zou dus noodig geweest zijn, ook indien er in de Indische Maatschappij niets van eenig streven naar politieke zelfstandigheid ware te bemerken geweest. Het was slechts eene adaptatie van het centrale bestuur aan de veranderde omstandigheden.

Deze decentralisatie zou, op zich zelf genomen, ook geenszins tot zelfbestuur hebben behoeven te leiden. Theoretisch * is het zeer wel denkbaar, dat de decentralisatie, zelfs op veel grooter schaal, zou zijn doorgevoerd met behulp van eene & en P. 1,6 *

Sluiten