Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liet donum superadditum, vatbaar voor dood en lijden zijn geweest, •en de dood ware dan geen straf voor de zonde. Evenzoo is het niet de concupiscentia gesteld. De strijd tusschen vleesoh en geest is volgens Rome natuurlijk; de onderwerping van het vleesch aan den geest is dus iets bovennatuurlijks, niet met de schepping vanzelve reeds gegeven; maar ze kan toch ook niet eerst aan de gratia gratum faciens te danken zijn, want dan ware .een zondeloos mensch zonder donum superadditum niet mogelijk. Daarom moest tusschen de twee ideeën, welke Rome zich vormt van den mensch, nog eene derde worden ingeschoven. En zoo is er dus volgens Rome een mensch denkbaar en mogelijk met dona naturalia, praeternaturalia en supernaturalia. Er is eene drieërlei gerechtigheid, eene ustitia naturalis, praeternaturalis en supernaturalis. Geen wonder ■dat sommigen, zooals Berti, Norisius e. a. zulk een mensch, die alleen begiftigd was met dona naturalia en praeternaturalia, zich niet denken konden; naar Gods potentia absoluta ware zulk een mensch wel mogelijk, maar naar zijne potentia ordinata niet; de visio beatifica is feitelijk den mensch van nature eigen, saltem ■quoad inclinationem et appetitum '). Maar ook als de denkbaarheid en mogelijkheid van een mensch in puris naturalibus gehandhaafd wordt, is er nog allerlei verschil in de leer van het beeld Gods. Sommigen onderscheiden beeld en gelijkenis zoo, dat het eerste de dona naturalia, de tweede de supernaturalia omvat; anderen zooals •de Catech. Rom. laten beide op de dona supernaturalia slaan. Halesius, Bonaventura, Thomas enz. dachten bij de justitia originalis aan de justitia naturalis, doch de Catech. Rom. en de meeste latere theologen spreken juist van de dona superaddita als justitia originalis. De immortalitas, impassibilitas, het liberum arbitrium, <3e temperatio concupiscentiae worden nu eens uit een divinum beneficium afgeleid, dan weer uit de imago of uit de similitudo, en ook wel tot de justitia originalis gerekend 2). De Catech. Rom. stelt alles naast elkaar en brengt het tot geen eenheid: Adam was voor geen dood en lijden vatbaar divino beneficio; zijne ziel werd geschapen naar Gods beeld en gelijkenis; bovendien werd de begeerlijkheid beteugeld en aan de rede onderworpen; en eindelijk voegde God daaraan nog toe de justitia originalis en de heer-

*) Pcrrone, III 167. Osiralcl, Relig. Urgesch. 52 v. Pesch, Prael. III 109. 2) Thomas, S. Th. I qu. 95 art. 1. Sent, II dist. 19 qu. 1 art. 4. Pesch, Prael. III 89 v.

Sluiten