Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is er eerst, zij heeft haar bestand in Christus, kwam in de dagen des N. T. het eerst tot openbaring in de kerk te Jeruzalem en breidde zich dan vandaar in andere plaatsen uit. Elke ecclesia particularis (localis) is daar ter plaatse, waar zij optreedt, eene openbaring van de ecclesia catholica, van het volk Gods. Reeds krachtens haar oorsprong staat zij met deze in onlosmakelijk verband. Want geen enkele plaatselijke kerk komt autochthonisch uit het onbewuste op, maar werd geplant door het zaad des woords, dat eene andere kerk daar ter plaatse strooien deed. Wel is naar de leer der H. Schrift iedere plaatselijke kerk zelfstandig, eene ecclesia completa, hoe klein en gering zij ook wezen moge. Er zijn geene moederkerken in dien zin, dat de eene kerk over de andere zou mogen heerschen; noch Jeruzalem noch Rome heeft op zulk eene regeering eenige aanspraak. Alle kerken staan gelijk, omdat zij alle, al is de eene middelijkerwijze ook door de andere gesticht, op dezelfde wijze, d. i. rechtstreeks en volstrekt van Christus afhankelijk en aan zijn woord gebonden zijn.

Daarom hebben de G-ereformeerden niet alleen het verband hunner kerken met die te Rome verbroken, maar ook aan de diocese en de parochie een einde gemaakt. Een diocese toch is het kerkelijk gebied van een bisschop, die, aan de hoofdkerk verbonden, van daaruit heel den kring der geloovigen beheerscht. En eene parochie duidt de groep van geloovigen op eene bepaalde plaats slechts aan als object van de werkzaamheid van den parochus, die al zijne macht van den bisschop ontvangt. Het woord parochie moge oorspronkelijk geene afhankelijkheid van eene hoofd- of moederkerk hebben ingesloten, langzamerhand heeft het toch bij Rome die beteekenis verkregen x). In de Schrift is echter elke kerk zelfstandig, met alle andere kerken in rechten volkomen gelijk. Het kerkverband is daarom nog geene zaak van willekeur. Soms moge het, bijv. bij de kerken der Hugenoten in Frankrijk, den schijn hebben, alsof het verband geheel vrij door confederatie is ontstaan. Maar dat is toch de Geref. beschouwing niet, welke op dit punt beslist tegen die der Independenten overstaat. Bij de beschrijving van het wezen der kerk gingen alle Gereformeerde theologen van de ecclesia universalis uit en daalden zoo tot de ecclesiae particulares af2). Deze laatsten zijn plaatselijke openbaringen van het ééne mystieke

*) Verg. Stutz, art. Pfarre in PRE3 XV 239 v. 2) M. Vitringa, Doctr. IX 60.

Sluiten