Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 51 ï

Wy hielden derhalven (lil voor eén tarrielyk |röoté herberg, waar de gewaande zieke Dame tiit de koets geholpen werd, zeggende, dat zy bogenblikkelyk naar bed moest; want, dat zy dit altoos deed in dergelyke gevallen, juffer Gordon bragt haar naar de flaapkamer, en ik bood my zelve ook daar toe aan, maar dè fchelmfchè Branville hield my de hand vast.

„ Myn lieve kleindochter," zeide hy, zoödra wy daar aankwamen, „ gy zult zekerlyk zoo onbeleefd niet zyn van rriy alleen te laten." — Ik ging derhalven zitten, maar, terwyl ik begreep, dat het voor ons onmogelyk zyn zon om dien avond thuis te komen, was ik vry droevig en bekommerd, om dat ik verzekerd was , dat myn arme Vader my zoude wachten : Ik Zeide dit aan den Baron, eri

hy wilde my gerust ftellen, zeggende, dat hy oogenbliklyk een knegt zou zenden om myrt Vader van het beletfel kennis te geeven; en ik verbeeldde my, dat hy de kamer uitging om" deze order te geeven.Zoo als hy binnenkwam, merkte ik, dat hy de kamerdeur toefloot, eri daarop naar my toekomende greep hy my in zyne armen. Ik rukte my van hem los , zyndé tot den dood toe verfchrikt,-om dat hy my D 2 met

Sluiten