Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 148 3

dagt ten toon te ftellen, en den Heer Charta

ten mynen koste te doenlagctien. „ Ömyn

Heer! gy weet waarfchynlyk niet, dat wy hier een dichteres in huis hebben. — Ik ben verzekerd , myn Heer, als gy genegen zyt om eenige keurige en uitmuntende vaerfen, herderszangen of lierdichten, zoo als zy ze , geloof ik,&noemt, dat gy uw fmaak danby uitnemend-, hèid zult kunnen voldoen."

Myn Tante nam hartelyk deel indezewreede befchimping, en zeide al lagchende, terwyl zy waarfchynlyk dagt, dat ik nu genoegzaam zou tèn toon gefield en befpot worden,,, Kom Fran* cyn, laat ors eenigen van uwe fraaie Hukken

zie^ . \ ïs waar ik hebuwlaatfte opftel wel

ten gebruike van myne keukenmeid gefchikt, maar ik denk, dat gy nog wel eene geheime verfameling zult bezitten. Het komt nu dezen middag zeer te pas, haal maar al wat gy hebt van boven! ■ Het zou zeer te bejammeren zyn, dat zoo een vernuft, als gy bezit, en zoo veel wysbegeerte, daar gy u zoo zeer op beroemt, verloren gingen."

Dit zeide zy op de befchimpendfle wyze. — De Heer Charles had doorzicht genoeg om dit ©p te merken, en verzogt my zeer eerbiedig

hem

Sluiten