Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 159)

veel verfhnd en doorzicht, als hy, heeft het karakter van myn' Tante , hoe zeer zy het zeive heeft willen vermommen, door en door gezien. 'Er zyn fomtyds, geiyk gy weet, myn' waardfte, in iemands gedrag eenige kleine trekken, die wanneer de driften een weinig beteugeld worden, zoo ligt voorbygaan dat zy by het onderzoekend oog nauwlyks kunnen onderfchept worden, en die alsdan zoo gering zyn, dat een gemeene opmerker dezelven hoe genaamd' niet ontdekken kan.

» Maar wat zal die ftraf ofpynigtngwezen," dunkt my, hoor ik u vraagen, „ die Fanny

zich zelve zal aandoen? Zy beftaat alleen

hierin, Vriendin, dat ik nu eindelyk eenonveranderlyk befluit genomen heb, om eene plaats te verlaten, alwaar ik, hoe langer ik blyf, ook hoe langer hoe meer bewyzen van deongemeene verdienften van dezen minnenswaardigen man zal ontmoeten: _ Hier komt nog by, dat de onynendlyke behandeling myner Tante eh Nichten my het leeven volflxekt tot een last maakt:

om deze redenen heb ik befloten, myn'

Tante kennis te geven, dat ik, het kost wat

het wil, echter met hare toeftemming en

deze twyffel ik niet, of zal zy my gereedeiyk

geven

Sluiten