Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

46 spook-

' Ongelukkig behoorde de graaf zelf niet tot de laatfte clasfe van beoordeelaars. Hyhielü zich volkomen overtuigd, dat zyne overledene echtgenoote hem indedaad verfcüeenen was, om hem te vermaanen, haar toch nimmer te vergeeten. Hy onttrok zich nu nog meer dan te vooren aan alle verttrooieade gezelfchappen, en gaf zyne droefgeestigheid en zyne neiging tot eenzaamheid, nog meerder toe. Geene vertoogen, geene tegenhewyzen vonden ingang by hem; zyne reeds verzwakte gezondheid leed door den uiigeftaanen fchrik, en door deze levenswyze fpoedig nog meerder. Hy werd zieklyk. Binnen een jaar had de teering zich reeds geart; 'tegen het einde van het tweede fleepte dezelve hem in het graf. Thans fprak men op nieuw een korte wyl over de verfchyning; daarna vergat men dezelve weder , ten minften voor langen tyd. —

Omtrent vyfentwintig jaaren daarna werd «ene reeds hoog bejaarde hofdame, de ba,onnesfe U..., tot haare vaderen verzaden kort na haare begravenis «u.terde

Sluiten