Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERTELLINGEN.

-75

Intusfcheu fcheen het gantfche huis in oproer te zyn; de angftig zweetende lioorden, niettegenftaande zy in de dekens gewikkeld waren, een voorddyurend tieren en raazen.

Eindelyk werd alles doodftil, en men waag. de het nu weder een' blik naar den armftoel te wenden, en ziet — de geest was verdweenen. „Het fpookuur," Juifterde de huiswaard zyne in haar zweet badende echtgenoote in het oor, „fchynt voorby te zyn." — Met de vlugt van den geest fcheen het bedaard vernuft onder de bed-dekens- weder te keeren, 'en door aanhoudend heen en weder fchudden en moed infpreeken, kwam ook de arme dienstmaagd weder tot zich zeiven. Meu waagde het eindelyk de flaapkamer te verlaaten, en het huis tè doorzoeken , waarin men vreesde eenige wanorde te zullen vinden. Indedaad zy bedrogen zich niet; fchadelyker wanorde, dan die waarin het gantfche huis was, hadden zy niet kunnen ontdekken. Hetzelve was door — listige dieven geheel ledig geftolen, en de voornaarae vreemde huurder had de vlugt genomen, H 4 zon-

Sluiten