Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13^ spook-

Eens viel het gefprek op de verfchyhingen van afgeftoryen vrienden. De Ieriander fcheen iterk daaraan te gelooven-; ten minsten hy verhaalde eene meenigte wonJerbaare gebcurenisfen, die dit geloof fcheenen te rechtvaardigen. Walker daarentegen, die zelfs niet van de mogelykheid van bóvehnatuurlyke verfqbyningen te overtuigen was, betoogde zynen vriend het belagchelyke en gebrekkige dezer vertellingen ; en verzekerde. dat niets ter wereld in Haat zou zyn, hem, ten koste van zyn vernuft, andere gevoelensinteboezernen, en hem tot het geloof aan bovennatuurlyke yerfchyningen te bekeeren. •

Deze, veelligt onöverlegde , vermetelheid, gaf den heer burnet a"ardejuling om zynen •vriend, ten minsten aan een' ander'' te bewyzen, hoe tiranniseh ons vernuft — dooide natuur der menschheid, doch nog meer door opvoeding en vooroordeel aan de flaaffche

ketens der verbeeldingskragt gekluisterd

■dikwyls door dezelven mishandeld wordt.

Toen zy des middags met meer van bet fcheepsvolk op het verdek Honden, en de i wacht-

Sluiten