Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

co

rydt, en ïk nam aldaar een huurkoets, om my met myn geringe pakkaadje naar de Jermynftraat in Piccadilly by de mode-kraamfter Bennet te laaten brengen, juist volgens adres van

myn Tante. Onder dit ryden maakte ik

by my zelve verfcheidene aanmerkingen over mynen ellendigen toeftand , terwyl ik by het pasfeeren der groote ftraaten , dezelven van rondsom opgepropt zag met eene ontelbare menigte van menfchen, die het, ieder voor zich zelf, zoo het fcheen vreeslyk drok hadden.

„ Zie daar," dagt ik by my zelve, „ zoo veel werkzame naarftige menfchen heen en weder zweeven , en echter hebben zy allen hun

thuiskomen: ; zy hebben allen onge'twyf.

ïeld hunne bekenden en Vrienden, die hen welkom heeten; . maar ik , helaas! .

even of ik geenszins tot de maatfehappy der menfchen behoorde , heb op de aarde niemand , om my te ontvangen! Ik heb

geen plaats, daar ik myn afgemat hoofd kan ne-

derleggen! geens ouders, ja zelfs geen

bekende.hoegenaamd om* my te befchermen !" Na vry lang wachtens kwam eindelykde koets

ïn de Jermyn-Rmat. De koetzier vroeg

hier en daar naar Jufvrouw Bennet de modekraam-

Sluiten