Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 3o )

zoo lang ik by deze uitmuntende vrouw zal vertoeven.

Maandag.

De toeftand, daar ik tegenwoordig in ben, is zoo aangenaam, en regt genoeglyk, dat ik het dikwyls zelve naauwlyks gelooven kan. Ik breng myn tyd voornamelyk door, met myne waardige vriendin het een en ander voor te lezen, waaronder ook myne eigen opftellen behooren.

, Alfchoon ik," zegt zy, „ geen Latyn of Grieksch verfta, maak ik echter veel werk van boeken van fmaak, en voornamelyk van de dicht • konst. Maar ik moet met dat al myn naaijen

niet vergeten, Fanny." Dit zeide zy grim-

lagchende. „ Kom aan, myn kind, lees

my uw treurfpel eens voor." — Het zelve is.

nu bykans voltooid. — Nu, ik las dit

haar voor, en de goedkeuring, die zy daaraan gaf, beftond, gelyk Thomfonzegt, „ indeedelfte loftuiting der traanen."

Zoo als ik gedaan had met lezen , terwyl al myne papieren, alsmede de Homerus, daar ik fommige plaatfen uit vertaald had, nog om my lagen, kwam zeker nabeftaande uit fViltshire

Juf-

Sluiten