Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Donderdag.

*k Heb eindelyk myn toevlugt tot een boek. verkooper genomen , en nadat ik vyf winkels te vergeefsch bezogt heb , één gevonden, die zich met my kon of wilde inlaaten. — Ja , vriendin , 't was waarlyk of ik om een

almoes liep. De een was niet fhuis —

een tweede zat juist aan tafel een derde was niet te fpreeken, en een vierde

had zyn handen te vol, enz. maar eindelyk ben ik, zoo als ik zeide , ter audiëntie toe-

gelaten. — Nadat ik ruim een uur in de

winkel had ftaan wachten, werd ik verzogt in een kleene zyd kamer te gaan , alwaar myn Heer de Boekveikooper zat. Eene trilling beving alle myne leden , en al beevende bood ik hem twee deelen aan met gedichten, waar onder de herders-zangen van Firgilius, en één deel van myn Vaders predikatiën, en vroeg hem

of hy die koopen wilde. Waarlyk ,

ik geloof, dat, al had ik voor de baalie ge* liaan , en van den rechter eene veroordeeling moeten afwachten , ik niet meer had kunnen

uitftaan dan op dit pas. De man zette

met eene ongelooflyke deftigheid zyn bril op,

en

Sluiten