Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

H54 J. VVILLEMSE, G. z., GENEES-

gang behield. In den gorgeldrank maakte ik geene verandering, niet kunnende zien dat iets anders meerderen dienst zoude gedaan hebben. De zieken bleeven voorts beftendig te bed , hebbende ik ernftig verboden haar niet ce verbedden, maar integendeel wel gedekt te houden en voor alle togt te behoeden. Tegen de ylhoofdigheid had ik zuurdeesfem met azyn en mosterc des avonds onder de voecen laaten aanleggen.

De tong begon in dit tweede tydperk te verbeteren, wordende vochtiger en de korst losfer. De koorts werd ook zachter, en de verheffing des avonds was nu niet meer met braaken gepaard, maar de zieken geraakten reeds voor den nacht in 't zweet, waarop dan eenige flaap , fchoon afgebrooken, en nu en dan nog een weinig ylende, fcheen te volgen. De keel was daarenboven een groot beletfel voor den flaap, want fchoon wel na hec uitflag de pynlykheid veel verbeeterde, was dezelve echter niet geheel geweeken , maar bleef nog hinderlyk , vooral door de droogte, welke 'er na eenigen flaap in de keel gevoeld werd. Niet minder ongemak en beletfel voor den flaap was de jeukte ; want hoe zeer deeze wel eenigzins minder werd, na dat de flaat van zwelling en fpanning voorby was, bleef 'er nogthans zoo veel overig, dat hec lteeds een grond van klagten opleverde.

Den elfden dag begon 'er aan den hals, en in)

't aan-

Sluiten