Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Natuur, III. Onderh. 69

denkbeeld van den hevel of dehandfpaak 's Mengegeeven. De arm verlengt, om zoo y "0EyDYte fpreeken , zich zeiven , dien hevel aanvattende. Zyne kracht kan honderdvoudig en meer groot worden. Dan zet hy een blok marmer op den kant, of doet eenen ftapel boomcn, dien hy omgeworpen heeft , tot hem naderen. Wapent zich die arm, die een' vry ruuwen Mag kost doen, en, door zyne hand tot éénen klomp te brengen, het eerfte denkbeeld van alle hamers gegeeven had; wapent zich die arm, zeg ik, met eenen moker of knods, dan kan hy met eenen (lag een' os ter aarde vellen. Hy doet hooge eiken vallen, en van de toppen der bergen nederftorten, vanwaar hy de eene voortftoot naar zyne wooning, de andere dicht by zynen wyngaard brengt, of op den oever van eene rivier, naarmate hy zyn huis moet vertimmeren, eene wynpers of eene fchuit moet maaken.

. 's Menfchen hand kan het vuur en de vochten vervoeren, de aarde omwroeten, het hout, den fteen en alle andere lighaamen aanvatten : maar zy E 3 doet

Sluiten