Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rea DORVAL

nog durft zeggen, waar in haare misdaad beftaae, moet miflèn, wat zal 'er dan van de rampzalige Lupa worden ? Och myn vader - dierbaar man

dierbaar man, verlaat my toch niet!

Eduard, (haar opbeurende.)

Gy moet opftaan zet u hier neder. Ik zal

by u zitten. Haal adem , Lucia. Kunt gy

ergens veiliger zyn, dan in myne armen?. . Lucia.

Neen myn vader!

Eduard.

Maak my geen onkundig deelgenoot uwer bekommeringen. Openbaar my wat 'er in uw hart omgaat — wat u zo geweldig flingert en die geneugtens ontrooft, buiten welken geen tydelyk geluk beftaan kan ?

Lucia.

Ik zal, waarde vader, ik zal u in geene onzekerheid laaten , nu wy alleen zyn nu ons

niemant zal hooren. Deze dag is voor uwe Lucia een dag van verfchrikking ... Ik moeft Dorval fpreeken — Ik moest hem alleen fpreeken, om

ongelukkig te worden. Ik moest in de tegens-

woordigheid van een broeder verfchynen, om, ondanks my z-lve, te leercn wenfchen, dat de naam

van broeder my nimmer ware bekend geweeft.

Och myn vader! . .

Eduard. Kom ter zaak, Lucia, Hoe angftvaiüg maaken my deze omwegen!

L t*r

Sluiten