Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

so8

DE M I N T F E R I G E.

gelukkig te zyn is myn noodlot, Ongelukkiger, dan ik ben, kan ik niet worden. Myn geihrnte fchynt myne wtaak te begunftigen Zy zal fterven. . .

(In meer vjoede.)

Al moet ik dan door beuls handen omkomen, fterven zal zy —* de afgunftige — de laage verachtelyke verleidfter!.. Ook weet ik raad, om my zelve te bergen... Waar zal men my vinden, wanneer ik verr' van hier vlucht? . .

(Zy ziet bet vertrek in V rond.)

Myn oogmerk volbragt zynde , zal ik my hier niet lang ophouden... Ik haat deze wooning . . . ik haat Dorcas ... ik haat myne kinderen. . . . ö Fredrik, ook wil ik u haaten — als ik zal kunnen , wil ik u haaten ... Ik zal een bundel met klecderen,

die ik hier byna nimmer gedraagen heb ik zal

dat pak linnen met my op weg neemen, en het, om geld te bekomen, aan denman helpen... Ik zal verr'— zeer verr' hier van daan gaan... Zo ik achtervolgd worde, zal ik my in de eene of andere rivier werpen. Sterven is niets voor eene ellendige als ik ben, indien ik door geen ander, dan door my zelve , omkome. ... En dan . . . ö Fredrik . . .

en dan! ... Veelligt zult gy Juliana beweenen

veelligt uwe verleidfter vervloeken en naar my wenfchen .. ö Myn ontroerd hart . . . ftaak uwe deerlyke kloppingen, 't Is tyd, om myn oogmerk te beginnen . . . Stil myn ge weeten. . . .

(Zy neemt bet pak linnen en gaat met drift weg.)

Einde van het tweede bedryf.

DER.

Sluiten