Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7ö OTHELLO.

Desdemona. Ja, en zo nedergefhagen, dat hy my een gedeelte van zyne droefneid te rug gelaaten heeft otn met hem te lyden. lieve Othello , roep hem weder te rug.

Othello. Thans niet, waarde Desdemona; op een' anderen tyd.

Desdemona. Maar, toch fchielyk?

Othello. Om uwentwille zo veel te eerder, myn waarde.

D e sd e mon a.

Dezen Avond by de Maaliyj?

Othello, Neen, dezen Avond niet.

Desdemona. Dus, morgen by het Middag-eeten ?

Othello. Ik zal niet te huis eeten, ik gaa by Officieren in de Vesting.

Desdemona. Nu, dan toch morgen Avond, of en Dinesdag en morgen, of'smiddags, of'savonds, of 's Woens dag's vroeg. Ik bid U beflem den tyd; maar laat het niet langer als binnen drie dagen zyn. waarlyk, zyn vergryp berouwd hem. en eindelyk zo is zy nen misflag naar de gemeene wyze van oordeelen; een kleine overyling , die maar een goed verwyt onder vier oogen verdiend, maar zekerlyk , moet de krygstucht anderen ten Exempel affchrikken, indien gy uw beste Vrienden daar toe wilt ge bruiken. Wanneer zal hy kooien? Zeg my.Othel lo? ik begryp niet waar gy my om zoua kunnen bidden. d*t ik U zonde afilaan; of waar over ik zo lang my zou bedenken, hoe! Mtch^Si Casfio; die zich voor U by my bemoeide : en wanneer ik niet met voordeel van U" fprak uwe pany

nam.

Sluiten