Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL. 103

welke die doorzichtige Toverhex van de herten vin onfchuldige Maagden opgegaêjd had.

Desdemona.

Is dat waarheid?

Othello. Zeer waar; neemt het dus in acht. 1

Desdemona. Dan wenschte ik, dat ik hem nooit gezien had. Othello.

Ha.' waarom?

Desdemona. Waarom (preekt ey zo haastig en oploopend?

Othello. Is hy verlooren? is by weg ? fpreek, hebt gy hem niet meer?

Desdemona.

6 Hemel l

Othello. Nu, waar is hy?

DfSDEMONA.

Hy is niet verlooren.—— maar gefield zynde dat hv verlooren was?

Othello.

Hat

Desdemona. Ik zeg hy is niet verlooren.

Othell o. Haalt hem hier, en laat hem my;zlen.

Desdemona. Dat kan ik doen Othello; maar ik doe het nu niet. dat is alleen een kunstgreep, om my van myn verzoek aftebrcngen. Ik bid U laat Casfio weder aangenomen worden.

O t h e l lo. Haal my die Neusdoek — ik heb een kwaad voorgevoelen.

Desdemona. Geloof my 1 gy z"lt nooi* een b"aver Maa

Tlnden' G 4 OtheIl.

Sluiten