Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIESPEL. soi

ten kennen het zy aan onze Paarden, onze kle* deren,of hondert andere tekenen meer.

Poins.

Daar is voor gezorgt. Zy zuilen onze Paarden niette zienktygen, die bind ik in het woud vaft; onze Maskers zullen wy tegens anderen verwufelen zo dra zy van ons af zyn; en vriend, ik heb overrokken van ïtyflinnen in voorraad , onder welke niemant onze kleederen kennen kan. Prins Henrik.

Maar ik ben bevreeft, dat zy ons te fterk zullen zyn.

Poins,

Hoj ho.' twee van hen zyn zulke volflagen BIoo» daarts als ooit hunne ruggen hebben laten zien; en wanneer de derde zich langer weerd als regt is. zo wil ik geen deegen meer in de hand nemen, de befte grappen zullen de onbegrypelyke logens zyn, die onzen Vetten fchelm ons des avonds by het eeten verhaalen zal: hy zal ren minfte met dertig handgemeen geweeft zyn. welke aanvallen, welke ftooten, welke doodelyke gevaaren hy uitgedaan heeft, zal hy opfnoeven, en onze wederlegging van deze loogens zal de befte klugt zyn.

Prins Henrik.

Goed ik gaa met u. bezorg maar al wat wy gebruiken moeten, en verwagt my morgen avond in Eaftcheap, daar eeten wy met elkander. Vaar wel. Poins.

Vaar wel Milord.'

VYFDE TOONEEL, Prins Henrik. (alleen)

Ik ken u allen,en ik wil nog een tydlang uwe vervloekte Dagdievery aanzien, ik wil doen als de Zonne , die de haatelyke en aanfteekende dampen toelaat, haare Schoonheid voor de wareld te N s veii

Sluiten