Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

g5 MARCUS ANTONIUS en CLEOPATRAi

en vervallen' Casfius floeg, en ik ben de oorzaak der dood van den dollen Brutus geweest; hy ftreed enkel als een onderbevelhebber, en bezat geene krygskunde; maar nu.... Doch, dit is niets.... Cleopatra. Ach I helpt' helpt.'

Eros.

Helaas! de Koningin! Mynheer, de Koningin' I r a s.

Gaa naar hem toe, Mevrouw, fpreek hem aanj hy is zichzelven niet van fchaamte.

Cleopatra. Wel aan, onderfteunt my dan. Acht Eros.

Edele Antonius, rys op, de Koningin nadert u. Haar hoofd hangt (op haaren boezem) en de dood zal haar wegrukken, zo uw troost haar niet be» vryd.

Antonius. Ik heb myne eer bezoedeld; een allerfchande»

lykst omzwerven

Eros.

Mynheer, (zie) de Koningin.

Antoni us.

o(Koningin van) Egypten! waartoe hebt gy my ver» voerd! Zie, hoe ik myne fchaamte aan uwe oogen zoek te onttrekken, door terug te zien op datgeen, hetwelk ik, in oneer vernietigd, achtergelaten heb. Cleopatra.

Ach' Mynheer, Mynheer! Vergeef het myne vreesachtige zeilen; ik dacht niet, dat gy my zoud gevolgd zyn.

Antonius. o, Egyptifche (Koningin), gy wist maar al te wel , dat myne hartader aan uw ftuur gebonden was, en dat gy my zoud medefleepen. Gy kende uwe volftrekte oppermagt over myn' geest,

ea

Sluiten