Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

118 MARCUS ANTONIUS en CLEOPATRIA.'

VYFDE TOONEEL.

Het Tooneel verbeeld eene Legerplaats.

Antonius, Eros, ««Krygsknecht.

Kryosknecht. Dat de Goden deezen dag voor Antonius gelukkig maaken!

Antonius. Ik wenschte wel, dat gy, en deeze uwe littekenen my te vooren hadden kunnen overreeden om te land te vechten.'

Eros.

Indien gy dit gedaan had, dan zouden de afval» lige Koningen, en de oude Krygsman, die u deezen ochtend verlaten heeft, u fteeds hebben blyven volgen.^

Antonius. Wie heeft my deezen ochtend verlaten? Eros.

Wie? Iemand, die fteeds by u was. Roep Ahsnobarbus; hy zal u niet hooren; of hy zal uit de legerplaats van Casfar u toeroepen : ,» Ik „ behoor niet meer tot de uwen. "

Antonius.

Wat zegt gy!

Krygsknecht. Ja, Mynheer; hy is by Casfar.

Eros.

Maar hy beeft zyne fchatten en goederen niet medegenomen.

Antonius. Is hy weggegaan ?

Krygsknecht. Niets is zekerder.

Antonius. Gaa heen, Eros, zend hem zyne fchatten achterna;-

Sluiten