Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL. 13$ Allen.

Ach.' Helaas!

Antonius. Zo iemand van u my waarlyk bemint» dat hy my dan doode.

Eerste Lyfwacht.

Ik niet.

Tweede LrrwieHi' Ik ook niet.

Allen. En niemand van ons. (Zy vertrekken.)

Der ce tas. Uw noodlot en uwe dood noodzaaken allen we aanhangers om van u af te vluchten. Enkel dit zwaard getoond aan Casfar, met (byvoeging van) deeze nieuwstyding, zal my ingang by hem doen verkrygen.

Diomedes. (Op het Toneel komende.) Waar is Antonius ?

De r ce tas.

Daar, Diomedes, daar.

Diomedes. Leeft hy? Wilt gy niet antwoorden, man?

Antonius. Zyt gy daar, Diomedes? Trek uw zwaard, en geef my zo veele fteeken als tot fterven noodig zyn.

D1 ome des.

Myn gebiedende Opperheer, myne Meeftrefla Cleopatra zend my tot u.

Antonius. Wanneer heeft zy u afgezonden?

Diomedes. Zo op het oogenbiik, Mynheer.

Antonius.

Waar is zy?

Diomedes. Zy heeft zich in haar praalgraf opgefloten. Zy 'I 4 'hai

Sluiten