Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE-SPEL. 261

York

En neem gy niet verder, Neef, dan u toekomt, anders zoud gy kwaalyk neemen. De Hemel is boven u.

Bolingbroke. Dit weer ik, Oom, en daarom kant ik my niet aan tegen zvn' wil. Maar, wie komt daar?(Pereykomt op bet Tooneel.) Welkom, Hendrik;hoe, wil dat Kafteel zich met overgeeven?

P e r c t.

Het Kafteel, Mylord, is koninglyk bemand te» gen uw' aanval.

Bolingbroke. Hoe Koninglyk, daar 'er geen Koning in is ? Percy.

i Ta, myn waarde Lord, daar is wel een Koning in. Koning Richard is gelegerd binnen die aarden wallen en Heenen muuren; en met hem de !.ords Aumerle, en S alisbury en de Ridder Stephen Scroop, en dan nog een Geestelyke van groote heiligheid; maar wie het is heb ik niet kunnen ontdekken.

northumberland.

Waarfchynlyk is het de Bisfchop van Carlisle. Bolingbroke. (tegen Nortbumberland.)

Edele Lord , begeef u naar de zwaare Vesten van dat oud Kasteel, en doe met de trompet voorflag van onderhandeling, op deeze wyze:Hendrik van Bolingbroke kust nedergeknield de hand van Koning Richard, en bied zyne fchuldige onderdaa» nigheid en oprechte trouw aan zynen geheiligden perfoon aan. Ik leg myne wapenen en alle myne magt aan zyne voeten, mits dat myne ballingfchap ingetrokken, en myne goederen rr-y vrywillig wedergegeven worden; doch zo niet, dan zal ik gebruik maaken van myne magt, en het zomerftof begieten met een' purperen' regen voortvloeiende uit het bloed van verflagen Engelanders. Intusfchen zal myn onderdaanige plicht vriendelyk aantoonen, R 3 hoe-

Sluiten