Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE-SP EL. aps

©mltandigheden, of gy zoud wel afgeplukt kunnen worden éér gy begond te bloeijen. Welk nieuws van Oxford, blyven de vermaaken en Ridderfpelen daar nog voortduuren?

Aumerle. Voor zo verre het my bekend is duuren die nog.

York.

Gy zult daar immers ook tegenwoordig zyn?

Aumerle. Dit is myn voorneemen, indien de Hemel het niet belet.

York.

Welk een zegel is dat, hetwelk daar uit uw' boezem hangt ? Hoe, verbleekt gy ? Laat my dat gefchrift zien.

Aumerle.

Het is niets, Mylord.

York.

Dan is het ook onverfchillig wie het ziet. Ik wil voldaan zyn; laat my het gefchrift zien.

Aumerle. *♦*'

Ik fmeek uwe Genade my te willen verfchoonen; het is eene zaak van weinig belang, welke ik, om zekere redenen, niet gaarne zou laaten zien.

York.

En welke ik, om zekere redenen,begeer te zien.

Ik vrees, ik vrees.

De Hertogin.

Wat vreest gy toch, Mylord ? Het zal niets anders zyn dan een handfchrift, waarby hy zich verbonden heeft om prachtig uitgedost, op de Ridderfpelen te verfchynen.

York.

Verbonden aan zichzelven ? Wat zou hy toch doen met een handfchrift, waarby hy aan zichT 4 zeiven

Sluiten