Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

448 AANM. op DbTWEE EDELLIEDEN enz.

D it Stuk heeft veele fchoonbeden maar ook veele gebreken; het is een zaamenweeffel van kennis en onkunde, van oplettendheid en onacbt» zaatnheid. Deszelfs vergelykingen en aanfpeelingen zyn juist en geleerd; maar, dat Shakespeare zyne jonge Edellieden van Verona naar Milano zend over zee, en dat hy den Keizer te Milano plaatst, en meer dergelyke ongerymdheden , dat zyn onverfchoonlyke misdagen, en geeven eene groote onachtzaamheid te kennen.

Da. Johnson.

Schoon de Heer Capell in de eerfte aanmerking op dit Stuk hetzelve een* anderen oorfprong geeft, zegt echter. Mi/s Lenox, in haaren Shakespeare Illuftrated, &c. dat dit gedeelte van het Tooneel» ftuk, hetwelk de gevallen van Julia betreft, geno» men is uit het Tweede Boek van de Diana van Mon» temajor, een' bekenden Spaanfchen Herder-Roman, en bewyst dit, door de gemelde vertelling in zytf geheel te plaatfen; en inderdaad dezelve heeft zoveel overeenkomst met de Hiftorie van Julia, dat men geen oogenbiik kan twyfelen of Sha« kespcare heeft die daaruit overgenomen.

Vertaaler,

EINDE.

Sluiten