Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«4 CAJUS MARCIUS CORIOLANUS.

ve zou met eene geringe zaak weder ontvonkt kui» nen worden» De Edelen trekken zich de verbanning van den dapperen Coriolanus zó flerkaan, dat zy in ftaat zouden zyn om het Volk alle zyne magt weder te ontneemen, en de Gemeensmannen voor altoos af te fcbaffen. Dit fmeult nog, en ftaat op het punt van met de grootfte hevigheid uit te barften.

Volscer. Hoe, is Coriolanus gebannen?

Romein. Hy is gebannen, vriend.

Vols ce r.

Gy zult welkom zyn met deeze tyding, Hadrianus. Rome in.

Het is thans eene fchoone gelegenheid voor uw volk» Ik heb wel hooren zeggen ,dat de bekwaamfte gelegenheid om eene vrouw te verleiden, is» wanneer zy met haar' man twift heeft- Uw dappere Tullus Aufidius zal in deezen oorlog fterk uit. munten, dewyl zyne fterkfte tegenparty, Coriolanus, by zyn Vaderland niet gezien is.

Volscer.

Dit kan niet misfen. Het is een groot geluk voor my, dat ik u zo toevallig ontmoet. Gy hebt myn» bezigheid volvoerd, en ik zal u met vermaak thuis» waarts verzeilen.

Rome i n-

Ik zal u tusfchen deezen tyd en den avond veele vreemde zaaken van Romen verhaalen ; d!e alle ten nutte van haare vyanden kunnen verftrekken. Zegt gy niet, dat gy een leger jin gereedheid hebt? Volscer.

Een zeer m3gtig leger. De Bevelhebbers ea hunne benden zyn reeds in order verdeeld, trekken hunne foldy, en kunnen in één uur tyds gereed zyn. Romein.

Het verblyd my te hooren, dat zy zo wel bereid

zyn,

Sluiten