Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL.

125

Eerste Bediende. Welk een' fterken arm heeft hy! hy draaide my rond met zyn' vinger en duim, even gelyk men. ©en' tol opzet.

Tweede Bediende. o, Ik zag aanftonds wel aan zyn aangezicht, dat 'er iets in hem ftak. My dunkt, daar was zo iets in, dat ik niet noemen kan.

Eerste Bediende. Dat is 'er ook, hy zag 'er uit als het ware.... ik wil my laaten ophangen, zo ik niet dacht, dat 'er meer in hem ftak , dan ik my verbeelden kon. Tweede Bediende. Dat dacht ik ook, daar wil ik wel op zweeren Hy is waarachtig de zeldzaamfte man van den aard", bodem,

Eerste Bediende. My dunkt, dat hy grooter krygsmen is, dan die gy weet wel.... * Tweede Bediende. Dan wie? dan onze Heer?

Eerste Bediende. Gewis, daar is geen twyfei aan.

Tweede Bediende. Hy kan wel zes zulken opweegen.

Eerste Bediende Neen, zo erg is het ook niet, maar ik houd hem toch voor grooter krygsman'

Tweede Bediende Zie, op myne eer. men weet niet 'wat men 'er van zeggen zal; onze Veldheer is verwonderlyk bekwaam om eene ftad te verdeedigen.

Eerste Bediende.' En ook om een' aanval te doen. f Een derJ, n. dimde komt op bet Tooneel. Aderde Be.

Derde Bediende o Jongens, ik kan u wat nieuws vertellen, groot aieuws, rekels. * ë»ooi

Bei.

Sluiten