Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

472 VEEL LEVEN orzi NIETS,

Benedicto, En ik ook; want anders zou ik, volgens myn gegeven woord, verplicht geweeft zyn om van den jongen Claudio deswegens voldoening te vorderen. Leonato, Kom nn, Dochter, en gy alle, Juffers, begeeft li naar eene andere kamer, en komt, wanneer ik u zal doen roepen, gemaskerd hier terug; de Prins en Claudio hebben beloofd, dat zy op dit uur my zouden komen bezoeken ; gy weet uwe zaak, broe. der gy moet den vader verbeelden van uws broe. ders dochter, en haar aan den jongen Claudio gee« ven. (De Juffers vertrekken.)

Antonio. Ik zal dit met een bedaard gelaat volbrengen.

Benedicto. (tegen den Monnik.) Vader , ik denk , dat ik uwe hulp zal noodig hebben.

De Monnik. Om wat te doen, Signor ?

Benedicto. Om my te binden of te ontbinden een van beiden. (Tegen Leonato) Signor Leonato, het is zeker, dat uwe Nicht my met gunftige oogen aanziet. Leonato. En het is zeer zeker, dat zy die oogen van myne dochter ontleend heeft.

Benedicto. En ik vergeld haar dit; door haar met verliefde pogen aan te zien.

Leonato. Welker gezicht gy, naar ik denk; van my, van den Prins, en van Claudio gekregen hebt; maar wat is uwe begeerte?

B ened icto. Uw antwoord, Mynheer,israadfelachtig, maar, wat myne begeerte betreft, die is, dat uwe be. geerte met de onze mooge overeenftemmen, en

da

Sluiten