Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nieï het godvruchtig oogmerk des Genootfchaps, waar van Gij de Oprichters en de Bejluurers zijt; eene inrichting , die U bewijst, dat ook onder de Vaderlandfche ■ Gemeentens, en bijzonder in hel godsdicnjlig Rotterdam, nog veel en zijn, voor welke het Euangelie eene beminde Gods-gaave is, en die Eer fielten in de belijdenis, dat Je sus is de Mesfias , de Zoou des hoogstgeloofdcn Gods; eene inrichting, die de verdeediging der zelfde waarheden voor het Volk, op den predikflpel, bedoelt, welke Gij handhaaft voor het IcQzend gedeelte der Natie, door de, pea der, ge enen, die de Eerf.c.n zijn in het koningrijk der hemelen.

Zo 'er cenige vreeze bij mij overbleef om dezelve aan U te wijden, het was alleen de bewustheid mijner gerits ge krachten, die niet geéévenredigd zijn aan mijnen lust, enden ijver, dien ik heb, om de,genade Gods , den roem onzes Verlosfen, en de blijde boodfehap der Verzoening, in de weereld te prediken, uittebreiden , en , naar vermoogen, te verdeedigen; — Dan, bemoedigd door de heusheid uwer inwilliging, die ook de poogingen eencs jpngeren en min geoeffenden medebroeders niet verfmaaden wilde, voldoe ik met deeze toewijing aan de infpraak van mijn hart, die door uwen billijken^roem. in het Evangelie gewettigd ivordt.

Aan U wijde ik deeze bladeren, die reeds met zoo veel kracht de dwaalingen bejlreedt, uwe Bundelt met den erbeid der grootfle mannen verrijkte, de vrijwillige hef.offeren voor den dienst van God, zoo lojlijk, befleedt, en wier. godvruchtige voetjlappen nagetreden 'worden doar

Sluiten