Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 3° >

het ons tnefchijnt, dat de min, die ƒ 3c© wint, peen ƒ76 kan opbrengen ? II. Of de ongelijkheid, waarvoor wij hier bovén onze bekommering te keiinen gaven, hierdoor mede niet blijkbaar bevestigd word, dewijl A en B mrer dan \ van hun inkomen zouden moeren opbrengen ; C flerhts |, en de zeer vermogende D nog geen \ gedeelte. Als wij dit alles overwegen, kunnen wij, als hartelijke liefhebbers van het Vaderland, en oprechte beminnaars '-an ware gelijkheid, ul. niet genoeg danken Over uwlieder wijze b< dactrzaamheid, om uwlieder VOorgeflHde middelen niet in werking gebragt te willen hebben, zonder da' de genoegzaamheid, en de uitvoerlijkheld van dezelven , door eene voorafgaande proefreming dadelijk gebleken zij. Het fchijnt toch ten dezen wel eene bijzondere opmerking te verdienen , dat men in Vfankrijk reeds algaande weg te rug kómt rot de voorheen met zo veel enthufiasme af'gefchafre ii d'refte belastingen. Dadr ten minflen fchijnt de ondervinding te bewijzen, dar éc-r.e of weinig al* gemeene belastingen, in evenredigheid van de harekkebjke-vrrmogens der ingezetenen, (zo men bedoelde) geheven weidende, ten aanzien van het genoegzaame, en uitvoerltjke, op den duur de proef niet kunnen velen.

Iers, waaromtrent gijl het ons nu nog ten goede tOft houden," dat wij het met u, waarde Medebur»rs! in geenen deele eens zijn, is de nieuwe wijze van inning- der belastingen, welke gijl. bij uwlieder rapport voordraagt. Het behoort wel tot de order der dingen, dat het volk eene behoorlijke invloed hebbe op de aanflelling van zijne bewindslieden; maar dat het zelve, na die aanflelling, nog zuk een aanmsrkelijk gedeel -

Sluiten