Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 43 >

30. Want (en dit is onze derde aanmerking) daa* 'er tog noodzaaklijk verandering — welke ook — in het ftelzel onzer belastingen gemaakt moet worden; niet omdat de Staatsregeling hieromtrend eenige voorfchriften geeft, maar omdat hetzelve met de tegenwoordige gefteldtenis der Republiek niet beftaanbaar is, is het van het alleruiterst belang, dat het nieuwe ftelzel derwijze worde ingerigt, dat de verbreking van het betrekkelijk evenwigt zoo kort mogelijk duure, en dat in het vervolg van tijd geene verandering, wat de aart der belastingen aangaat, in hetzelve zal behoeven gemaakt te worden. Dan; al ware het, dat die noodzaaklijke ongelijkheid, of die verbreking van het betrekkelijk evenwigt, langer aanhield, dan men hoopt ("want het is niet mogelijk, om nopends den tijd van derzelver duuring eenige fchijnbaare gisfing te maaken ) is 'er nog geene reden , om een ftelzel van belastingen , waaraan, uit de natuur dier belastingen, ongelijkheid en onevenredigheid beftendig verbonden moeten blijven, gelijk wij ons tegenwoordig ftelzel op overtuigende gronden daar voor houden, te ftellen bóven een ander en beter plan, omdat die gelijkheid, welke door de verkreegen ftrekking thands beftaat, meer of min verbroken zou worden, geduurende al dien tijd, als 'er noodig zoude zijn, om alles wederom in een betrekkelijk evenwigt te brengen. Want. behalven dat het een onvermeidelijk en onaffcheidelijk kwaad is van iedere verandering in het belastings wezen, en thands, om de zoo even gemelde redenen, noodzaaklijk; het kan van geen langen duur zijn, en moet veel minder nadeelig wezen voor de belangen van den Staat en der Ingezetenen, dan uit het aanhouden van het oude ftelzel zouden voortvloeijen. Ook bewijst deze reden

te

Sluiten