Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ü DE STRIJD "DER REUZEN

Was 't niet genoeg, dat Gij de tempels,

W<.1 eer voor mij hier opgerecht, Tot zelfs aan de allerlaagste drempels,

En Grondpijlaaren hebt gefiecht?.. Mo st Ge ook nog nu met deez' Tijrannen, Ten mijnen nadeel, t'faamen fpanncn?..

Hoe wordt U dit eens duur betaald! Wanneer mi n'arm U zal verdelgen, Wijl haast Titea, met haar' Telgen,

Op U en 't dwangrot zegenpraalt.

Gij Thetis, Peleus Zielsbeminde ƒ

Die in Thesfalien gebiedt, Geef, dat ik aan U bijftand vinde,

En weiger die mijn' fchetpen niet. Gun, dat zij uwe zilte baaren, Gerust en zonder zorg bevaaren,

Naar 't overzeesch Egijptenland, Gebied uw' magtige Trkoonen, Dat zij mijne overftrijdb're Zoonen

Behouden voeren aan dat land. • •

Het

Sluiten