Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

124 EENIGE GELEERDE

Gelijk de vorfchen als de flang verhit op buit,

Hen najaagt daer voor hun geen fchuilplaats wordt gevonden,

Rasch duiken op den grond, om niet te zijn verflonden.

L. Stoppeudaal. Homerus in het 3de boek zijner Iliaden, vergelijkt de afgeleefde Helden bij uitgeteerde krekels. Virgil. L. 1. Aen.de Bouwers van Carthago bij arbeidzame bijen. Zie het 434fte vers en volgende.

Van V ingez-xolgeu zout ontlasten. Virg. Aen. L. 5. vs. 182. Et falfas rident revomentcui peet ore fluctus.

~ en bratckte 'i ingezopen

Z::it ivat er veder uit.

V oxde l.

Bl. 56*.

Een vind die zelfs bij de Arabieren zoo gif ig is. Offchoon deze vergiftige wind Samum of Sowjel genaamd, eigendlijk zijne verwoestingen grootendeels uitftrekt over de woeftijn van Aften, tusfehen Bun, Bagdad, Haleb, Mecca,en het fteenachtig Arabien, voorts langs de Perfifche Golf, ja dat Egijpten 'er volgens het getuigen der Reizigers geheel van zou bevrijd zijn; waait daar echter ook jaarlijks een wanne wind Chamfir geheeten, welke dikwijls voor dieren en planten niet min nadeelig is dan de Samjel. Zie van dezelve Nieuwe Alg. Vaderl. Letteroef. 2de Deel No. 13.

Meng.

Sluiten