Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II E T • GE W E fi T E N. $

De trouwe Slaaf zie zich een reeks bedroefde jaareu , Met banden, vangenisf' en harden dienst bezwaaren , Hij rekk' zijn leven met befchimmeld roggenbrood, En wagt' geen ander eind dan van den marteldood; Doch hoe een harde Heer hem ademloos doe zwoegen , Hij kan door plaag op plaag het waare vergenoegen Niet bannen uit een lijf, dat zich gewillig buigt; Noch uit een vrijë ziel van de onfchuld overtuigd. Die acht geeft op de ftemm' van 't ongekreukt gewisfe, Voelt ftille blijdfehap zelfs in zijn.gevangenisfe, — Befchaamt met blij gejuich, de hardfte martcKtraff' En treedt volvrolijk naar den oever van het graf.

Behaagt het de Opperheer de deügd met vreugd te krooneu

't Onfchuldige Gemoed zal ook zijn krachten toonen, Het brengt de oprechte ziel, met geen bedrcfg befmet, Vrijmoedig voor den troon in 't nedrig fmeekgebed, En zendt den wijrookgeur der dankbaarheid naar boven Een Landman die zijn graan door 't zonnevuur ziet ftooven. Tot volle rijpheid, cn den hoorn des Overvloeds Met rijke vruchten vult, erkent de bron des goeds, ; Met dankbaare offers van geheiligde eqritelingen: Hij ziet de hemel, hem met milde gunst omringen j

Sluiten