Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE Z A N tfi

J^og'rilt een kouden fchrik mijn Vaderland door dc adreri.

De Muitzucht zelf verdomd, de tedre Godsvrucht fchreitZij knielt, en ziet zich door een minzaam Engel nadrcn , , Verzeld van troost en vreugd en zaalge onftcrflijkheid — Hij doet, in 't treurig oog, den glans der godheid dagen,

Ja, de eeuwge wijsheid fpreekt, uit een faphicren wolk: „ Dat de ondeugd woel;berouw zal 't fchuldig hart haast knagen»

„Daar lijdende onfcliuld juicht;ik waak voorNeerlands volk!" Ja, zuivre Godsvrucht! dat uw fmart in dankbre traanen ,

Verfmoor, 't ontdekt verraad wekt 's nakroost trouwen moed, Gij meugt de algoedheid vrij, op 't troodend heilwoord, maanen,

Zij wekt het fchoonst geluk, uit donkrentegenfpoed!

't Gerucht fnelt Holland door, en voert verdriet en kommer

Op vale vleuglen aan; 'sLands jongden welvaart kwijnt, De hoop derft zwoegend, in 't verwelkt olijven lommer,

Terwijl geen enkle draal der vredezon meer fchijnt.

Hoe

Sluiten