Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

^ HUGO GROOT.

Hit haatlijk onrecht gaat 't barbaarsch bedrijf te boven;

Men grimt de welvaart der onnoozle telgjcns aan! Hier,durft ontmenschte haat, al fehimpend, haar verachten,

D;iaï,fmoort een laage fchroom defiemvan't heilig recht Gints, toont gevoelloosheid zich doof voor haare klachten ; '

Zoo ziet Maria zich en hulp en troost ontzegdt. Nu poogt zij 't edel hart van Coligny te treffen :

„Uw voorfpraak (zegt zij) zal, doorluchtige Vorftin! „ Aan wraak , misfchien, den plicht der menscheid doen befeffen

„Verheel u 't knellend leed van mijn gelieft gezin ! j, Verheel u, in een plaats waar enkel fchemeringen

„Van 't daglicht flikren, een bezwijkend echtgenoot, „Bjj 't hulploos fchrciën van vijf tedre lievelingen, „Haast 't fchuldloos offer van een akelige dood! j,,Mijn Gaé, in 't eng verblijf rampzalig opgellooten, „Moet ik, elk oogenblik, in bittre doodsangst zien, De Iucht,door damp verpest, doet 't onheil flaag vergrooten f ~> „ 'k Zal, tot mijn jongden fuik, mijn echtvriend bijftand biên. 9,lk zal getroost, met hem, mijn dierbre Vrijheid derven; „Danken! ik zal mijn fanaat, verbleekt - verteert door fmart,

„ Wél*

Sluiten