Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZESDE ZANG. &3# Alleen het uur, dat haar deeze oorden zal ontvoeren ,

Schijnt haar ontroerde ziel zomwijl vermaak te biên , Het nadert reeds. Dan,'k voel mijn boezem thans ontroeren 1

Men brengt een brief, de drift doet haar ftraks 't opfchrift zien.} ó God l zij kend de hand van trouwen Van de Velde!

Zij fcheurt het zeegel los ! zij leest - haar kracht bezwijkt! De brief ontvald haar hand ! heur droom , die ramp voorfpelde , "

Leeft voor haar geest, terwijl de waarheid duidlijk blijkt, 'k Zie haar bezwijmen in haar Elsjes knellende armen ,

't Bevallig meisje fchreid, elk traantje dat zij plengt, Terwijl zij 't leven , dat reeds vluchte , wil befchermen ,

Word met het koude zweet in de angst des doods gemengd, Niets geeft de droefheid lugt, 'k zie vriendfchap bij (land bieden ,

Men waant Maria reeds aan 't wendend ftof ontboeit, Het hart verflauwt, geen bloed kan meer door de adren vlieden ,

Dan, nog een levensvonk , die in haar boezem gloeit, Ontvlamt 't werktuiglijk ftel, 't behaagd dc God der liefde

Nog, dat Maria leef, hij die haar Gaê bewaakt, Die door de reinfte drift hun zachte boezems griefde,

Wil niet, dat nog de dood die tedre kluisters flaakt;

Ze

Sluiten