Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C ïoö )

door my , niet bewysbaar) egter, met de wet myner practijche rede , in het naauwfte verhand haat, dat ik, waarlyk, vry ben, en , by gevolg, een natuurlyk vermogen bezit, om het geen zedelyk goed is, boven het kwade, te kiezen.

De ondervinding, welke een ieder heeft van het geen 'er, in zyn eigen hart, omgaat, bevestigt ons, in het geloof aan het bezit dezer edele vryheid. Schaamte, berouw , droefheid, over gepleegd kwaad , zclfsver'óordeling, en alle dergelyke aandoeningen van een, nog niet geheel bedorven , mensch , zouden , ten enemaal , onverklaarbaar, ja , de hoogfte ongerymdheden zyn , zo wy ons niét, innerlyk , onzer viyheid bewust waren. Een mensch moge zo veel k unstelen , ais hy wil, om ene kwade daad goed te pleiten , of, immers 5 by zig zeiven , enigzins , te bemantelen; hy moge zig opdringen, dat by, door omftandigheden, verleid , of door nood, gedrongen, zy geweest, om iets te doen, wat hy , anders, zoude gelaten hebben : het kan alles niets baten. De Advocaat, die in zyn voordeel pleit, kan den Aanklager niet doen verftommen. De rigterlyke uitfpraak der practifche rede, welke wy, met betrekking tot het

oor-

Sluiten