Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*( 57 >

Me dunkt ik zie uw helden Haan, Met uwen ramp in 't hart begaan,

Zij fcheuren hunne vaarten, En werpen 't zegerijk geweer Mistroostig aan uw voeten neer,

Befprocid met heete traan en!

„ Ach! roept die fiere heidenftoct,

„ Was 't hierom dat ons kokend bloed,

„ Uit duizend wonden, vloeide? „ Was 't hierom dat, in 't grootst gevaar, „ De zugt voor haardftede en altaar

„ In onzen boezem gloeide? —~

„ Wat baat der Vad'ren wijs beleid? „ Wat baat nu onze dapperheid? .

„ Ondankbre, laffe neven! . . . „ De Godheid dondert van haar troon: „ Ontaarden! uwer daad ten loon,

„ Zult gij in boeïens (heven!" D 5

Sluiten