Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

+( 7i >

Hij, fchoon van forsfchen heldenaart, Was immer in den ftrijd bedaard;

Zijn moed deed: nooit zijn rede zwigten: Hij paarde ftoute dapperheid Aan overpeinzend krijgsbeleid:

Hij bluschte nooit het medelijden, Maar voelde, met zijn ganfche ziel, Den val, wanneer een ander viel!

Maar Jarry! wat heeft u ontroert? Gij, nooit door laffe vrees vervoerd,

Vloogt immer rustig zeewaard heenen

Wat dreef u, daar ge uw' laatiten togt, Nu hier, dan ginds, te ontwijken zogt —

Met fchroom uw fchip weer zaagt bereiden? Wat drukte uw' heldenijver néér? Of was uw hart uw hart niet meer?

E 4.

Sluiten