Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TRAANEN.

»3

«ij hebben uitgediend 'er is geene

verzagting, geene verfterking meer nodigdiet dierbaar' leven is onherftelbaar weggezon» ken, en de dood heerscht.

De dood heerscht! wat zeg ik? neen, de edele die hier ftifcrf, heeft den dood overwonnen zij ftierf Hechts om in volle

kragt dat leven te beginnen, naar 't welk zij jaaren lang rijkhalsde, waarop zij maand na maand, week na week, als op het einde van haar lijden, hoopte; dat leven, om 't welk' zij het geduurig fterven van dit aardfche leven niet telde , dat haar,, even als de morgenfehemering 4cn nachtlijken reiziger, van verre aan de kimmen reeds toelachte; in dit leven is zij nu overge^ gaan: deze ftille doodkamer, voor weinige uuren nog de treurige martelplaats van eene worftelende lijderesfe, is nu het praalbed eener overwinnende heldinne en de nog korts medelijdenswaardige vrouw 3 is alreeds een zalige Engel.

Sluiten