Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MIJNE Kt ND ER Lij RE

deel van zijn ftof; maai; — na den langer! akeligen nacht, die ook in de graven derirl God ontfiapenen heerscht, zal eens een morgen daagen die geen'avond zal zien, en eene vreugde rijzen, dié door geene droefheid zal vervangén worden; dan zal zijn diep vernederd lighaam veranderd, verheerlijkt j en het lighaam van zijnen Verlosfer gelijk wordem

Met het Oog op dien blijden morgen j en ook dan alleen, kan ik gelaten en ftil dit dierbaar ftof zien wegvoeren naar het gebied des doods — en mijn moed ver. rijst om het graf in 't zelfde vrolijke licht te befchouwen, waarin de zalige doode gewoon was dit te doen —— als eene rustkamer.

Hoe dikwijls verlangde zij, na de moeiten, de zorgen, en vreugde ledige genoegens vari dit leven, naar die ftille rustplaats! hoe vrolijk hopend zeide zij dikwijls: „De rust i5 die mij in dit leven ontviugt zal ik vin.

den

Sluiten