Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TRAANEN. 55

ïn hoe veele hoopende, hoeveelevrolijke, hoe weinige klaagende Pfahnen en Lie. deren, ademde zij het gevoel haarer ziele, en het vertrouwen haars geloofs uit, zelfs in 't midden van de rampen die haar druk.

ten! In zamenftemming met de haaren

God lof te zingen was een feest voor haar hart en haare ftem was dan harmonie. Toen de verzwakte Natuur haar dit heilig vermaak weigerde; toen de gedrukte borst niet dan beevende toonen fchep. pen kon, beklaagde zij haar onvermogen met gevoeligen fpijt en zag uit

naar dat leven, waar geene zwakheid haaren edelften wensch meer verhinderen zou, waar haare neiging en haare krachten zouden zamenftemmen; en zij zogt haare dankbaare, vrolijke ziel te doen ademen in de liedèren die wij voor haar zongen.

Met hoe veel weemoedig genoegen herinner ik mij de avondvreugd die wij haar hierdoor in de laatfte maanden van haar leven dikwijls verfchaften! — en ach! hadden wij het meer gedaan, en onze eigene ziel door haare D 4.

Sluiten