Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TRAANEN.

69

deze zalige verwagting een ijdele troost

geweest zijn zoudt gij nu die geesten

niet kennen, wier geluk hier in de wereld zoo veel invloed op het uwe had, en dit immers ook nu daarop hebben moet, anders ten minften kan mijne ziel zig uwe zaligheid niet voorftellen.

En vier ik dan bot aan mijne verheel, ding; ftel ik mij dat wederzien voor, dat herkennen van uw' gade, die nu al zoo lang de moeite van dit leven vergeeten is; van uwe kindertjens, die van onnozele wigtjens zoo als zij u verlieten, nu in zoo veel wij. zer en grooter wezens herfchapen zijn — van uwe vrienden, die u voorgingen, en hopend verlieten van uwe bekenden,

die weleer door hunne deugd uwen moed en ijver opwekten; ftel ik mij die onderlinge vreugd — dat mededeelen, elk van zijne lotgevallen, en de heerlijke verwisfeling van zijnen ftaat voor, nu alle lijden is voorbijgegaan, en eene eindelooze belooning ieders verwachtingen, ie.

ders wenfchen wijd te boven ftijgt

E 3

Sluiten