Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

94 DE RAVE , DIE ZICH DEN AREND WILDEGELYK STELLEN'.

DE RAVE, DIE ZICH DEN AREND WILDE GELYK STELLEN.

De vogel van Jupyn, een Arend, roofde een Lam.

Een Raaf, die dit van verr' vernam, En niet min roofziek was dan de Arend, maar in krachten Beneden hem , bcfloot geen oogenblik tc wachten,

Om, als een Rave van fatfoen, Den Arend zulk een' ftroop ftoutmocdig na tc doen. Straks vliegt hy naar dc kudde, en, zonder tyd verliezen, Befluit hy uit den hoop het vetfte Lam te kiezen , Dat tevens 't fchoonfte was, en weinig tyds gelcên Gekozen was ten dienst der altaarplegtighcên, En dat de pricsterfchaar' ten dienst der goden wyddc. Zyn oog begluurt het Lam op 't gretigst van ter zyde. Hy zegt: ,,'t Is me onbekend wat borst u heeft gevoed;

„Maar gy zyt vast van 't edelst bloed. „ Nooit kon een fchooner -Lam myne oogen tot zich trekken!

„Gy zult myn maag ten voedfcl (trekken." Hy valt op 't blaetend' beest, ontdaan van allen fchroom;

Maar

Sluiten