Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-oer, NEDERLANDEN. 243

,'oozen Spanjaard niet moest verlaaten, en bij den Prins van Oranje om onderfland verzoeken. Anderen vertoogden, hoe dwaas het ware, met zo magtig een Vorst, als den Koning van Spanje, te willen kampen, en dat de Prins nog geen ééne Stad hadt kunnen ontzetten. Zij Hemden, derhalven, vöor eene onderhandeling, en kreegen de meerderheid. Jonkheer Christoffel van Schagen, Dirk de Fries, Oud - Burgemeester, en Adriaan van Assendelft, Penfionaris der Stad, werden na Amfterdam afgevaardigd , om te handelen, en vier of vijf dagen uitflels, tot tijd van beraad, te verzoekern Dan de Hopman Wijbout van Ripperda, van 'sPrinfen wege, Overfle der Stad, kennis gekreegen hebbende van dit belluit, doet de Burgers en Schutters, op de Nieuwe Doek, zamenkomen, en houdt hun voor: „ hoe de Vroedfchap, buiten kennis der Burgerij, „ en tegen haaren Eed, met den Vijand in onder„ handeling getreedcn was; hoe ijdel het ware op „ genade te hoopcn, wanneer men zich zmZutpi.en j, en Naarden fpiegelde; hoe het beter was, in 'tbe„ tragten van eer en eed, tot het uiterfle voor de „ vrijheid der Stede te vegren, dan zich willig in „ flaavernij te werpen, en de verfoeijde ziel, ouder „ duizenderlei dartelheid, hoon en kwelladie des

„ Spaanfchen moedwils, te verliezen." Zijne

rede, met krijgsnians welfpreekrmheid voorgedraagen, vondt ingang: de meesten Hemden zijnen voorflag toe, en zwoeren den Spanjaard een onverzoenlijken haat. De Kerken werden van Beelden ontruimc Q a w

Philips de II. van Spanje.

Sluiten