Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 179

Fiftula duhe canit, valucrem dum decipit auceps:

Dat is, naar de vertaaling van Hooft :

De Vooglaar, op bedriegen uit, Den Vogel lokt met zoete fluit.

Twee maanden waren er verdreeken , en men hadt nog geen middel gevonden, om de Spaanfchen te doen verhuizen. De Prins van Oranje , ingenomen door den kloekmoedigen wederftand der Belegerden, en het wringen van deeze Stad, uit de handen der Spanjaarden , voor een ft.uk van het hoogde belang aanziende , delde den Staaten voor , de Sluizen te openen en de Dijken door te decken, en dus 't geweld der zeegolven den Belegeraaren op 't lijf te fchennen. ,, De regel was: liever een bedorven, dan een verhoren Land" Met der Staaten bewilliging, werden de Tsfel- en Maasdijken, op verfcheide plaatzen, doorgedolven. Te midden deezer bekommernisfen , ftortte de Prins in eenezwaare ziekte, die, door zijn Hofgezin voor befmetlijk aangezien, allen van hem fchuw maakte, en hem zonder oppasfers liet. Het gerugt van zijnen dood verfpreidde zich reeds onder den vijand, die zulk een tijding gaarne geloovende, ook greetig aannam. Die van Zeeland fchreeven aan de Staaten van Holland, dat zij, bij tijds, bedagt moesten weezen, om de Landen te voorzien van een bekwaam en Christlijk Vorst, zo de Prins mogt over lijden. Hij lag op 't uiterlie. Dan de tijding, da: S 4 L'ey

Philips de II. van Spanje.

Men doet de Dijken doorileeken.

Sluiten