Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 445

neze toonde, welhaast, dat hunne vrees niet ongegrond was (*).

Een enkele oogflag op de Nederlanden toonde hem, welk een voordeel hij kon trekken uitdenftaat hunner zaaken. Deeze ongelukkige Gewesten waren toen als een prooi der verfchillende Partijén,die dezelven aanvielen , of voorgaven , te verdeedigen. De Koningin Elizabeth was. zints lang, 'er reeds op uit, om in Holland en Zeeland eenige vastigheid te krijgen, en vreesde meer de voordeden , die de Franfchen mogten behaalen, dan zij verlangde de onaf hanglijkheid der Nederlanderen te bewerken. Zi zag zulk een voorbeeld aan als heilloos voor alle Op pervorften, van wier Regten zij zeer hoogvliegend!

en wijdftrekkende denkbeelden koefterde. D<

Hertog van Anjou ging te raade met de inboezemin gen zijner heerschzugt; doch vondt zich gedwars boomd door Hertog Casimir, die een zdfdentoele; koefterde. De Krijgslieden deezer twee vreemd Legerhoofden waren min bedagt op het bdlrijde: van den Spanjaard, dan op het plunderen der Ne derlanden. Slegt betaald, ftonden zij fteeds gereei weder na hun Vaderland te keeren, als zij niets t

rooven vonden. Men voege bij deeze verwoes

tingen dier gevaarlijke Hulpbenden de binnenland fche Partijfchappen, de Godsdienstverfchillen en de wankelenden Staat der Landfchappen, die, elk ee bijzonder oogmerk hebbende, zich niet konden vei

één

(*) Willem de I. III. D. bl. 220.

\

Philips de II. van Spanje.

Hij bedient zich van de Verdeeldheden in de Nederlanden.

F 1 1

1 1

i'

Sluiten