Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

40&*

GESCHIEDENIS

Philips de II. van

Spanje.

en te Gend.

Parma meefter van

Mechtlen.

Mislukte aan Ha» op Brusfel.

nen (*). Te Gend begaf de onrustige Imbize

zich tot zo verregaande fpoorloosheden, dat de Prins van Oranje het noodig vondt, zicii derwaards te vervoegen. Imbize nam, met den oproerkraaijenden Dathenus , de vlugt , en zocht fchuilplaats, in Duitschland, bij den Hertog Casimir. Aan deezen Prins verknogt, itreeken zij Oranje , in blauwboekjes, op 't haatiijkst door , en hadden, om 's Vulks gunst te winnen, voorgefteld, een onafhanglijkGemeenebest , gelijk aan dat van Geneve , opteregten (f).

Parma wist zich te bedienen van een gefchil, tusfchen de Burgerij en de Bezetting, om meetter van Mechelen te worden : Broeder Pieter Lupus, of Wolf, Provinciaal der Carmelieten, ftondt hem ten dienste, en floeg, niet min dan de Onroomfchen elders, de handen aan de Kerklijke Goederen (§) 1

'Er ontbrak weinig aan , of Philip van Egmond, oudfte Zoon van den onthalsden Graave, Belde Parma Brusfel in handen, 't Zij gedreeven door ijver voor het Roomfche Geloof', 't zij genoopt door zugt, óm zijnen zoen met den Spanjaard te maaken « beftondt hij deeze ftoute onderneeming. Hij liet een Pvegiment Voetknegten , over 't welk hij bevel voerde, 's morgens vroeg , ter Stad inleiden ; maar de Burgerij en de Bezetting vloog te wapen , dreeven

EgCO Bor, XIII.B.b!. 114. Hooft, II.D. bl. 643, (t) Hooft, II. D- bl. 653. (§) Zie aldaar, bl. 645.

Sluiten